TIMSS

Uit Wiki reken-wiskundeonderwijs

Ga naar: navigatie, zoeken

Home   All   A   B   C   D   E   F   G   H   I   J   K   L   M   N   O   P   Q   R   S   T   U   V   W   X   Y   Z   Categorieën               Vragen               Google-zoek               Pagina toevoegen       English       intern

* TIMSS (english) * intern

Inhoud

Algemeen

Trends in International Mathematics and Science Study

Achtergrond

Sinds 1995 wordt wereldwijd elke vier jaar de kennis van leerlingen in de exacte vakken gemeten met een internationale TIMSS-toets voor het basisonderwijs en/of het voortgezet onderwijs.

  • Aan TIMSS-2007 doen meer dan 60 landen mee. In Nederland worden voor TIMSS-2007 zo'n 4000 leerlingen in groep 6 van het basisonderwijs getoetst.
  • In het voorjaar van 2011 zijn in NL ruim 7000 leerlingen uit groep 6 getoetst op hun leesvaardigheid of op hun kennis van rekenen en natuuronderwijs.

TIMSS geeft landen de mogelijkheid in kaart te brengen hoe goed hun leerlingen in de exacte vakken presteren in vergelijking tot andere landen. Maar het onderzoek biedt meer dan alleen een internationale ranglijst. TIMSS verzamelt ook informatie over waarom leerlingen in het ene land beter presteren dan in een ander land. Met schriftelijke vragenlijsten voor leerlingen, leraren en schoolleiders wordt informatie verzameld over de onderwijscontext. Doordat TIMSS elke vier jaar herhaald wordt, geeft het ook een beeld van ontwikkelingen in leerprestaties en in het onderwijs over de jaren heen. Wie? TIMSS wordt gecoördineerd door het TIMSS & PIRLS International Study Center te Boston onder leiding van het International Association for the Evaluation of Educational Achievement (IEA).

2015

Geconcludeerd kan worden dat met uitzondering van TIMSS-2011, de Nederlandse prestaties op de TIMSS-toets sinds 1995 een licht dalende trend laten zien. Vergeleken met 2011 zijn de Nederlandse prestaties vooral achteruitgegaan in het rekendomein Gegevensweergave en in het natuuronderwijsdomein Natuur- en scheikunde. Van de cognitieve domeinen laat het domein Weten de grootste achteruitgang zien, terwijl in het domein Redeneren de prestaties zo goed als gelijk zijn gebleven. Dit geldt zowel voor rekenen als voor natuuronderwijs.

2011

Nederlandse leerlingen uit groep 6 van het basisonderwijs hebben wederom goed gepresteerd op internationale reken- en natuuronderwijstoetsen. Vrijwel alle Nederlandse leerlingen, ook de zwak presterende, behalen minimaal het basisniveau, maar in vergelijking met andere landen heeft Nederland weinig excellerende leerlingen. In 2011 behoort Nederland tot één van de beter presterende landen voor zowel lezen, rekenen als natuuronderwijs. De Nederlandse toetsscores van PIRLS en TIMSS lieten tot 2006/2007 een lichte daling zien. In 2011 zijn de scores stabiel gebleven (lezen en rekenen) of toegenomen (natuuronderwijs). Het verschil met de deelnemende Aziatische landen is groot. Zo hebben leerlingen uit Singapore een echte topprestatie geleverd met de eerste plaats voor rekenen, een tweede plek voor natuuronderwijs en een vierde plek voor lezen. De verschillen in scores tussen Nederland en de omringende landen zijn veelal klein. Wanneer wordt gekeken naar significante verschillen tussen de prestaties van de deelnemende landen, laat de internationale ranglijst zien dat Nederland zich op de tiende plaats bevindt bij lezen (samen met tien andere landen), achtste bij rekenen (samen met vijf andere landen) en eveneens achtste bij natuuronderwijs (samen met negen andere landen). Deze posities zijn minder hoog dan in de eerste PIRLS-meting van 2001 en de eerste TIMSS-meting van 1995 (respectievelijk een tweede, vierde en derde plaats). De daling op de ranglijsten wordt voor een deel verklaard doordat er in de loop van de tijd verschillende nieuwe, hoog presterende landen (zoals Finland) aan PIRLS en TIMSS zijn gaan deelnemen. Maar het komt ook doordat het Nederlandse onderwijspeil er tot 2006/2007 op achteruit is gegaan, terwijl veel andere landen er op vooruit gingen. In de afgelopen jaren hebben Engeland en de VS bijvoorbeeld hetzelfde rekenniveau bereikt als Nederland.

Een belangrijk kenmerk van het Nederlandse onderwijs is het relatief kleine verschil in prestaties tussen de zwakste en de sterkste leerlingen. Voor rekenen en natuuronderwijs behaalt 99% van de Nederlandse leerlingen minimaal het laagste, door TIMSS onderscheiden, kennis- en vaardigheidsniveau. Het laagste leesvaardigheidsniveau wordt door alle getoetste groep 6 leerlingen gehaald; hierin is Nederland uniek. Deze unieke positie van Nederland heeft echter een keerzijde want er zijn ook weinig excellerende leerlingen. Tussen de 3% en 7% van de getoetste leerlingen haalt het hoogste niveau voor de verschillende vakgebieden. Bovendien zijn de percentages in vergelijking met eerdere metingen alleen maar kleiner geworden. Nederland blijft hierin achter bij andere goed presterende landen. Zo haalt bijvoorbeeld in Engeland 18% van de leerlingen het hoogste niveau op zowel de lees- als de rekentoets. Dit duidt erop dat het Nederlandse onderwijs goed in staat is om zwak presterende leerlingen op het basisniveau te brengen, maar moeite lijkt te hebben om talentvolle leerlingen te laten excelleren.

In groep 6 lezen meisjes beter dan jongens en zijn jongens beter in de exacte vakken dan meisjes. Voor rekenen zijn de sekseverschillen ten opzichte van 2007 wel iets kleiner geworden doordat meisjes er meer op vooruitgegaan zijn gegaan dan jongens. Bij lezen zijn de verschillen eveneens kleiner geworden, maar in dit geval doordat meisjes iets minder goed zijn gaan presteren terwijl de prestaties van jongens stabiel bleven.

2007

Nieuw in 2007 is TIMSS-Advanced: een internationale wis- en natuurkundetoets voor leerlingen in het eindexamenjaar van het VWO.

Verwijzingen

Versies van dit document

  • 20170127, update n.a.v. versie 2015
  • 20121213, update n.a.v. versie 2011
  • 20081105, fiteam
Persoonlijke instellingen
GOOGLE