Meetkunde op de basisschool

Uit Wiki reken-wiskundeonderwijs

Ga naar: navigatie, zoeken

Home   All   A   B   C   D   E   F   G   H   I   J   K   L   M   N   O   P   Q   R   S   T   U   V   W   X   Y   Z   Categorieën               Vragen               Google-zoek               Pagina toevoegen       English       intern

Algemeen

In de onderbouw van de basisschool gaat het bij meetkunde voornamelijk om het verkennen, waarnemen en beleven van de omgeving waarin kinderen leven en bewegen. Er wordt in toenemende mate een beroep gedaan op het oriënteringsvermogen van kinderen, zowel binnen als buiten. Oriënteren is een cruciaal begrip. Daarnaast spelen kinderen met allerlei twee- en driedimensionale figuren en doen veel aan construeren (blokken, vouwblaadjes, verpakkingen etc.).

In de middenbouw komt het analyseren en verklaren van meetkunde meer in beeld. Blokkenbouwsels, spiegelsymmetrie en een formeler taalgebruik krijgen de aandacht.

In de bovenbouw worden de kinderen steeds meer gestimuleerd om verbanden te leggen, afbeeldingen te maken, te verklaren en te voorspellen. Het gaat in de bovenbouw steeds meer om het mathematiseren van de ruimte. Het zelf ervaren, kijken of doen blijft daarbij steeds belangrijk. Het gaat in de bovenbouw om het reflecteren op die ervaringen samen met medeleerlingen, om die waarnemingen steeds beter te beschrijven, om te kijken welke representatie het meest geschikt is voor verdere analyse, om het verklaren en om verbanden te leggen met andere waarnemingen.

Verwijzingen

Versies van dit document

Persoonlijke instellingen