Centrale eindtoets primair onderwijs

Uit Wiki reken-wiskundeonderwijs

Ga naar: navigatie, zoeken

Home   All   A   B   C   D   E   F   G   H   I   J   K   L   M   N   O   P   Q   R   S   T   U   V   W   X   Y   Z   Categorieën               Vragen               Google-zoek               Pagina toevoegen       English       intern

* intern

Inhoud

Algemeen

  • De toets is een hulpmiddel bij de keuze voor het voortgezet onderwijs.
  • Vanaf schooljaar 2014-2015 zijn scholen in het basisonderwijs verplicht in groep 8 een eindtoets taal en rekenen af te nemen.
  • De meestgebruikte eindtoets is de Cito Eindtoets Basisonderwijs (Wikipedia)

Achtergrond

  • Meerkeuzevragen op het gebied van taal, rekenen-wiskunde, studievaardigheden en wereldoriëntatie.
  • De Eindtoets is geen examen waarvoor een leerling kan slagen of zakken.
  • De Eindtoets meet kennis en vaardigheden van de leerling op het terrein van Nederlandse taal en rekenen en wiskunde.

Expertgroep toetsen PO 2014

De onafhankelijke Expertgroep toetsen PO adviseert over het toelaten van andere eindtoetsen naast de centrale eindtoets, en beoordeelt de reeksen van toetsen uit leerlingvolgsystemen. Op basis van deze informatie kunnen scholen een goede, onderbouwde keuze maken uit het aanbod van eindtoetsen en leerlingvolgsystemen.

Aan het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) is gevraagd de inrichting van de Expertgroep voor te bereiden en daarna het secretariaat van de Expertgroep te voeren.


Toetswijzercommissie rekenen 2011-2012

Ivm afstemming met Referentiekader Rekenen is een toetswijzer geschreven. Deze toetswijzer bestaat uit een beschrijving van de inhouden die door de centrale eindtoets getoetst kunnen worden en een verantwoording van de keuzes. Natuurlijk ook in afstemming met de Kerndoelen basisonderwijs.

De eindtoets B ziet de commissie als standaard. Beide toetsen Ben N vormen wel één doorlopende schaal van gemakkelijk naar moeilijk, waarmee de rekenvaardigheid van elke leerling goed gemeten kan worden, en waardoor scores op de eindtoets B en de eindtoets N met elkaar vergeleken kunnen worden. De commissie adviseert om de toetsen op niveau B en niveau N niet geheel te laten samenvallen met respectievelijk de referentieniveaus 1S en 1F, om een bandbreedte te garanderen. Er is sprake van één schaal waarop de rekenvaardigheden van alle leerlingen geplaatst en vergeleken kunnen worden.

De commissie adviseert om op termijn ook andere afnamevormen op te nemen in de centrale eindtoets, zoals open opgaven en opgaven waarbij leerlingen antwoorden moeten toelichten en berekeningen moeten noteren. De score wordt dan mede gebaseerd op deze uitwerkingen. Ook adviseert zij om daarbij na te gaan of de doelen die nu door de afnamevorm niet getoetst worden, meegenomen kunnen worden in de toekomstige eindtoets. Wat niet getoetst wordt in de centrale eindtoets maar wel beschreven wordt in het referentiekader, moeten leerlingen uiteraard wel beheersen aan het eind van de basisschool. De school draagt daar zorg voor.

De commissie adviseert om op termijn ook andere afnamevormen op te nemen in de centrale eindtoets, zoals open opgaven en opgaven waarbij leerlingen antwoorden moeten toelichten en berekeningen moeten noteren. De score wordt dan mede gebaseerd op deze uitwerkingen. Ook adviseert zij om daarbij na te gaan of de doelen die nu door de afnamevorm niet getoetst worden, meegenomen kunnen worden in de toekomstige eindtoets. Wat niet getoetst wordt in de centrale eindtoets maar wel beschreven wordt in het referentiekader, moeten leerlingen uiteraard wel beheersen aan het eind van de basisschool. De school draagt daar zorg voor.

De commissie is het er unaniem over eens dat vlot hoofdrekenen heel belangrijk is en veel aandacht dient te krijgen in het onderwijs. Maar de commissie is ook van mening dat dat niet apart in de centrale eindtoets getoetst hoeft te worden. Daarom heeft ze besloten in de eindtoets geen specifiek onderdeel op te nemen waarbij leerlingen geen kladpapier mogen gebruiken. Bij alle opgaven is kladpapier toegestaan.

De commissie adviseert de verhouding context-contextloze opgaven meer in balans te brengen. Dat betekent het opnemen van een groter percentage contextloze opgaven in de centrale eindtoets. Dit geldt expliciet voor eindtoets B, maar in mindere mate voor eindtoets N, waarbij de inhouden meer betrekking hebben op praktisch rekenen en basale vaardigheden. Openbaarmaking

Voor de maatschappelijke acceptatie van de centrale eindtoetsen basisonderwijs is het van belang dat er maximale openheid wordt betracht over de inhoud van de toetsen. De commissie adviseert de opgaven direct na afloop van de afname van de toetsen openbaar te maken. Dit betreft alleen de papieren versie van de eindtoets basisonderwijs.

Samenstelling commissie: Jan Karel Lenstra (voorzitter), Anneke Noteboom (secretaris), Jan van de Craats (lid), Marc van Zanten (lid), Mieke van Groenestijn (lid), Tijn Bloemendaal (lid), Jan Janssen (toetsdeskundige)

Verwijzingen

Versies van dit document

Persoonlijke instellingen
GOOGLE