1 Nulpunten op verschillende manieren
1. Laat de grafiek tekenen van f(x) = x3 - x2 -2x + 2.
2. Voor een nulpunt geldt dat y = f(x) = 0. Los dus de vergelijking f(x) = 0 op.
Geef de antwoorden met wortels en met decimale getallen.
Welk verband zie je tussen deze resultaten en je antwoorden bij opgave 1?
3. Laat f(x) in factoren ontbinden met
termen In de formule x3 - x2 + 2x + 2 zijn x3 , - x2, 2x en 2 de termen.
drie Je kunt dus op drie manieren de nulpunten van een functie opzoeken:
De volgende opgave laat zien dat de grafiek alleen niet voldoende is.
5. Laat de grafiek tekenen van y = x2 - 210x + 11000.
6. Stel dat het
solve-commando niet meer werkt. Bepaal toch de nulpunten van
8. Bedenk zelf een functie waarvan je de nulpunten niet zo snel in een grafiek ziet, terwijl
je ze wel met
In deze paragraaf ga je het verband onderzoeken tussen het aantal nulpunten van een
2. Welk verband lijkt er te bestaan tussen de graad van de veeltermfunctie en het aantal nulpunten?
3. Bedenk een veeltermfunctie die vijf nulpunten heeft.
5. Hoe zit het met de volgende functies:
6. Bedenk een veeltermfunctie van graad 4 die geen enkel nulpunt heeft.
7. Bedenk een veeltermfunctie van graad 5 met 4 nulpunten, en ook een met 3.
8. De functie h heeft als voorschrift: h(x) = x3 - 3x + ...
9. Kun je een veeltermfunctie vinden die meer nulpunten heeft dan zijn graad?
Hieronder ga je onderzoeken wanneer het aantal nulpunten echt kleiner is dan de graad en hoe je dat aan de formule van de veeltermfunctie kunt zien door die in factoren te ontbinden.
2. Ontbind de functievoorschriften van de vorige opgaven in factoren.
3 Welke graad heeft de veeltermfunctie m met
4 Verbeter de regel bovenaan deze pagina door aan te geven hoe je kunt weten of het
veeltermfunctie en graad.
nulpunten op verschillende manieren:
f(x) = 17
g(x) = x - 2
h(x) = 3 - x2
k(x) = x3 - x
l(x) = x4 - 3x3+x2+2
m(x) =
en graad Het aantal nulpunten van een veeltermfunctie is gelijk aan de graad.
Laten we eens nagaan of die regel altijd klopt.
niet gelijk is aan de graad.
f(x) = x3 - 4x2 + 4x
g(x) = x3 - 3x2 + 2x - 6
Probeer een getal op de stippeltjes te schrijven zodat de functie
- drie nulpunten heeft
- een nulpunt heeft
- twee nulpunten heeft
Het verband tussen het aantal nulpunten en de graad van een veeltermfunctie is dus niet zo
eenvoudig als we eerst dachten.
Het lijkt er nu op dat het aantal nulpunten van een veeltermfunctie gelijk is aan de graad of
kleiner, maar in elk geval zeker niet groter dan de graad.
Of het aantal nulpunten echt niet groter kan zijn dan de graad, kun je op basis van enkele
voorbeelden nog niet met zekerheid zeggen. Dat moet eigenlijk nog bewezen worden, maar we nemen maar even aan dat dat waar is.
![]()
![]()
![]()
![]()
Wat valt je op als je let op het aantal verschillende factoren en het aantal nulpunten?
?
Kun je aan de formule zien hoeveel nulpunten deze functie heeft?
aantal nulpunten echt minder is dan de graad van de veeltermfunctie.
Het aantal nulpunten van een veeltermfunctie is gelijk aan het aantal verschillende factoren dat je
krijgt bij het ontbinden.
Eens kijken of dat waar is ...
5 Bepaal van de volgende twee functies het aantal nulpunten en vergelijk dat met het aantal factoren van de ontbinding.
6 Probeer nog een functie te vinden waarbij het aantal nulpunten niet gelijk is aan het aantal factoren van de ontbinding.
7 Welke eindconclusies kun je nu trekken over het verband tussen het aantal nulpunten en het aantal verschillende factoren in de ontbinding?
![]()
![]()
kennen tussen het aantal verschillende nulpunten en de factoren in de ontbinding.
Tot besluit een kleine toepassing van dit alles: het namaken van grafieken.
De nulpunten liggen bij
-1, -1/3,
en 2.
Maak de grafiek na in TII![[image]](nulveel_images/image18.gif)
2. Probeer ook een mooie grafiek te maken die een medeleerling of je docent moet
namaken.